“Ik werd behandeld als een persoon met eigen ideeën, gedachten en standpunten”


Friso startte op zijn 14e bij LOS, toen LOS in januari 2017 opende. Daarvoor had hij al anderhalf jaar op een andere democratische school gezeten (DOE040). In juli 2024, na 7½ jaar bij LOS, was de tijd gekomen voor Friso om door te stromen. Op zijn 21e startte hij aan de Universiteit Nijmegen met de studie Philosophy, Politics & Society.


“Ik was op de basisschool al een keer overgestapt van een reguliere basisschool naar de Leonardo-klas. Daarna ging het in de eerste klas van de middelbare school niet goed met me. Ik was heel depressief. Een vriend van me ging bij DOE040 kijken en mijn moeder vroeg of ik ook wilde gaan kijken. Dat sprak me wel aan. Beter dan een reguliere school! We konden met onze vriendengroep daar veel spelen en we waren bijvoorbeeld buiten aan het larpen. Het voelde alsof we niets hoefden te doen en daar heb ik wel gebruik van gemaakt.


Toen we met LOS begonnen voelde het weer als een nieuwe start. Maar in een vies en kapot pand starten, forceerde wel dat iedereen z’n verantwoordelijkheid nam en mee ging helpen. Ik en mijn vrienden waren de kinderen van de begeleiders die met de school gestart waren, en dat pushte me wel richting meer doen, meer betrokken zijn, bij LOS in het algemeen. Toen was LOS nog zo klein dat iedereen zich betrokken voelde. Het was eigenlijk één grote familie die in een groot huis woonde. Als je iets wilde ging je gewoon iedereen even langs om te vragen. 


Ik deed ook mee in de LOS Kring bijvoorbeeld, als secretaris. En ik ben een hele tijd BMK-lid geweest. De bemiddelingskring (BMK) wordt ingezet bij conflicten. Dat voelde als een verantwoordelijkheidspositie; mee dragen van LOS om het een fijne plek te houden. Ik denk dat ik er veel van heb geleerd. Het geeft je heel goed een beeld van hoe conflicten ontstaan en door de tijd heen evolueren, steeds net een stapje verder. Ik heb ervan geleerd wanneer je moet instappen in iets, en wanneer je het kan laten gaan en mensen het zelf kan laten oplossen. In het begin van de BMK probeerden we het actief op te lossen voor de kinderen, maar dat werkt niet. Ze hebben zelf te leren hoe ze ermee om moeten gaan.


Op een bepaald moment ben ik wel gestopt met kringen en zo. Ik besloot aan de Open Universiteit mijn propedeuse Psychologie te gaan doen, zodat ik dat kon gebruiken als toelatingsbewijs om verder te kunnen studeren. Ik ging toen meer zelfstudie doen. En als afleiding daarvan af en toe een spelletje met vrienden. Ik ging ook veel sporten. Het gaf me een goede afwisseling tussen studie en leuke, energieke dingen. Ik mis het tennissen eigenlijk wel nu. Dat ga ik in Nijmegen doen als ik daar weer woon; ik ben op zoek naar woonruimte daar.


Er was bij LOS altijd de vrijheid om te doen wat je wilde. Ik heb wel eens momenten gehad dat ik dacht iets te willen doen en er later achter kwam dat ik er geen interesse meer in had. Maar je kon altijd gewoon iets proberen. Het maakt natuurlijk ook uit in welke vriendengroep je zit. Je hebt uit te zoeken met welke groep je wil omgaan. De verkeerde groep kan een slechte impact hebben. Maar met de goede groep kan het goed gaan. In het vormen hoe je uiteindelijk bent, zijn de sociale contacten belangrijk. Mijn vriendengroep uit mijn LOS-tijd is nog steeds intact. Met verjaardagen en nieuwjaar en zo zoeken we elkaar op. We zijn inmiddels allemaal van LOS af en redelijk verspreid qua opleiding. Maar het is nog steeds gezellig als we samen komen!


Wat ik geleerd heb bij LOS en waar ik nu op de uni profijt van heb, is een bepaalde manier van nadenken. Daar hebben veel van mijn mede-studenten moeite mee. Ze zitten vast in: ‘ze zeggen wat ik moet doen’. Dat is handig op de middelbare school. Maar eigen input…? LOS heeft me geleerd om zelf te kunnen bedenken: wat vragen ze hier? Dat is bij mijn studie ook precies de bedoeling. Dat je zelf ontdekt: wat bedoelen ze hier? Het is natuurlijk veel makkelijker als je alleen maar iets op de stippellijntjes hoeft in te vullen, maar het is ook saaier, daagt je minder uit.


Wat ik het allerbelangrijkste vond aan LOS, en aan DOE daarvoor, is dat ik behandeld werd als ‘een ander persoon’, met eigen ideeën, gedachten, standpunten. Op de basisschool en middelbare school werd je meer behandeld als ‘een snotaap’. Dat is misschien niet helemaal het juiste woord, maar leraren daar zagen ons als ‘minder’. Je moest stilzitten en luisteren. Bij LOS en DOE was dat niet. De kring is een heel concrete versie van gelijkwaardigheid. Er wordt naar je geluisterd, je mening wordt gewaardeerd. Je hebt een stem, je wordt gehoord. Jouw ideeën worden beschouwd als die van een persoon.”